Oost NL

Oost-Nederland koploper in eiwittransitie, met Vivera als wereldspeler

De duurzame productie van gezond en betaalbaar voedsel is een van de grootste opgaven van onze samenleving. De wereldbevolking groeit en de klimaatdoelstellingen vragen om ingrijpende veranderingen. Een nieuwe kijk op ingrediënten is nodig om de uitdagingen aan te gaan. Vivera in Holten is gespecialiseerd in ‘nieuw vlees’, producten die eruitzien en smaken als vlees, maar zijn gemaakt van plantaardig eiwit.

Veertig tot vijftig procent van de Nederlanders eet wel eens ‘nieuw vlees’. Een op de drie van die producten is gemaakt door Vivera uit Holten. De coronapandemie heeft de toekomst van het bedrijf geen windeieren gelegd; de pandemie versterkt de behoefte aan korte(re) voedselketens en meer transparantie en geeft een andere kijk op gezondheid en welzijn.

"Wat we eten bepaalt hoe gezond we zijn, hoe we omgaan met andere wezens en hoe verantwoord de voedselketen in elkaar steekt."

Willem van Weede, CEO Vivera Foodgroup: ‘Corona versterkt de onderstroom die er al een tijdje was. Mensen zijn meer met gezondheid bezig en denken meer na over wat ze eten. Velen zijn ongerust over hoe het verdergaat met de wereld. Ook dierenwelzijn krijgt meer aandacht. Wat we eten bepaalt hoe gezond we zijn, hoe we omgaan met andere wezens en hoe verantwoord de voedselketen in elkaar steekt. Het duidelijkste voorbeeld is dat de veeteelt verantwoordelijk is voor 24 procent van de CO2-uitstoot. Kun je nagaan wat het scheelt als je minder vlees eet.’

Tekst gaat verder onder de foto.

Francine HellingaFrancine Hellinga

Van vlees naar plantaardig eiwit

Vivera is de derde speler in Europa als het gaat om het ontwikkelen en produceren van vleesvervangers. ‘We zijn dertig jaar geleden begonnen met vlees, als onderdeel van Enkco. Door de jaren heen ontwikkelden we steeds meer vleesvervangers en een paar jaar geleden besloten we de vleesdivisie bij een ander bedrijf onder te brengen en ons puur en alleen te richten op ‘plantaardig vlees’. We zijn actief in 27 landen in Europa en binnenkort opereren we onder de vlag van het Braziliaanse JBS, de op een na grootste voedselproducent ter wereld’, zegt Van Weede. Het eiwit dat de basis vormt voor de producten van Vivera komt van onder meer soya, tarwe, erwten en kikkererwten.

Oost-Nederland

Het is geen toeval dat een bedrijf als Vivera in Holten staat. Oost-Nederland kent een krachtige en brede primaire sector en de kennisinstellingen en agri- & food-technologische bedrijven zijn in staat met integrale oplossingen te komen voor duurzame voedselproductie. ‘Hier in het oosten zitten bovengemiddeld veel producenten van plantaardige producten’, zegt Van Weede. ‘Logisch, want van oudsher zitten hier veel vleesbedrijven. Hier is natuurlijk veel weiland en ruimte om dieren te houden. Sommige bedrijven die vroeger vlees produceerden, stappen nu over naar plantaardig. Het is voor een bedrijf als het onze prettig om hier te zitten. We delen bijvoorbeeld toeleveranciers met andere bedrijven hier in de regio.’

Eiwittransitie

Oost-Nederland is koploper op het gebied van eiwittransitie. Met als wereldspeler Vivera. Al tientallen jaren broedt het bedrijf op talrijke recepten. Inmiddels rollen er op de productielocaties van Vivera meer dan honderd verschillende producten van de band. ‘We maken onder meer ‘vis’ en ‘kipstukjes’, maar dan zonder dierlijke ingrediënten. Met technieken, technologieën en ingrediënten blijven we nieuwe smaken en texturen ontwikkelen.’

Het kookproces van een topkok dus, maar dan uitvergroot tot industriële schaal. ‘De matrix van combinaties die wij maken tussen techniek en ingrediënten, daarin zit het innovatieve van ons bedrijf. De eerste steak van plantaardig eiwit kwam bij ons vandaan. Daarmee hebben we veel opzien gebaard. En vorig jaar hebben we geïnvesteerd in technologie voor ‘nieuwe worsten’.’

Uitbreiden

Mede door de grote vraag uit de markt, moet Vivera uitbreiden. Francine Hellinga, projectmanager food bij Oost NL, helpt het bedrijf met het stikstofvraagstuk dat daarbij komt kijken. ‘De rol van Vivera in het milieu is natuurlijk hartstikke positief, want het vervangen van vlees reduceert de uitstoot van methaangas en CO2. Alleen, net als ieder ander bedrijf dat wil uitbreiden of bouwen, krijgt het te maken met de stikstofregelingen. Het gebouw en de bedrijfsactiviteiten moeten passen binnen het wettelijke kader.  In nauwe samenwerking met de verschillende partners, denken we vanuit Oost NL mee met het bedrijf, haken we de juiste expertise aan en brengen we de stakeholders om tafel om het proces te versnellen.

‘Ook kijkt Oost NL met ons mee welke vergunningen nodig zijn’, zegt Van Weede. ‘Provincie Overijssel heeft het voor bedrijven mogelijk gemaakt om stikstof te compenseren. Oost NL wist al vroeg van deze ontwikkeling en hielp ons vooruitkijken. Bovendien kan Oost NL voor ons contacten met de provincie faciliteren.’

Talent

Daarnaast is Hellinga aanspreekpunt voor Vivera op het gebied van nieuw talent. Van Weede: ‘We zijn altijd op zoek naar technisch personeel. Beschikbaarheid van talent blijft een aandachtspunt. Daar hebben we ook met Oost NL over gesproken. Denk ook aan specialisten op het gebied van research en development en kantoorpersoneel. Oost NL legt voor ons de link met bedrijven, kennis- en onderwijsinstellingen en andere organisaties die kunnen meedenken om talent te binden aan Vivera.’

‘Oost NL trekt innovatieve bedrijven naar de regio en helpt met uitbreiding’, zegt Hellinga.  ‘De beschikbaarheid van geschikt personeel is daarbij essentieel. Vanuit Oost NL denken we hierin mee. Ik zit in een landelijk overleg over het binden en vinden van talent en het in kaart brengen en signaleren van de tekorten. Maar we bieden ook concrete oplossingen aan onze klanten. We zijn goed op de hoogte van alle initiatieven. En we hebben warme contacten bij de verschillende ‘talent organisaties’. Denk aan recruitment bureaus, het UWV, maar ook scholen en universiteiten, zoals Landstede en Wageningen University & Research. We brengen partijen bij elkaar. Zo helpen we bedrijven als Vivera, die bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken,  bij het versnellen van hun doorbraak naar een nieuwe fase van groei en ontwikkeling.’
 

Dit artikel verscheen eerder in INNTWENTE Magazine